Eigenaarschap in het onderwijs: een praktijksituatie

“Eigenaarschap in het onderwijs”‘ is een thema dat regelmatig op tafel komt in de coaching-gesprekken die ik voer met leidinggevenden in het onderwijs.

Onlangs had ik een betekenisrijke sessie over dit thema met een teamleider havo-bovenbouw. Ik noem haar in dit artikel Marjon, wat niet haar echte naam is. Marjon is lid van een managementteam dat bestaat uit een directeur en vier collega-teamleiders. Zij leidt een team van zo’n veertig 1e graads opgeleide docenten. Marjon is ondernemend en ambitieus: de ontwikkeling van leerlingen staat in haar werk op één.

Ontbrekend eigenaarschap: Analyse

Marjon gaat met mij in gesprek over het ontbreken van eigenaarschap bij havo-leerlingen. Met name in de onderbouw “verwennen” de docenten in haar ogen de leerlingen. De leerkrachten nemen de verantwoordelijkheid voor het leerproces namelijk op de eigen schouders. De leerlingen leunen hierdoor, bijna letterlijk, achterover. In de bovenbouw, de afdeling waar Marjon de scepter zwaait, heeft men hier veel last van: het aantal zittenblijvers is hoog, waardoor zowel ouders als inspectie kritisch zijn. De docenten raken vermoeid door zo te moeten trekken. Dat moet anders. Ook vindt ze dat de school door het juiste pedagogische  klimaat moet bijdragen aan het vormen van de leerlingen tot zelfstandige en verantwoordelijke burgers. En in het kader van het voorbereiden op het vervolgonderwijs moeten veel leerlingen zich echt een andere attitude aanmeten en die in gedrag kunnen omzetten. Werk aan de winkel dus.

Vraagstukken

Marjon ziet als de oplossing dat het pedagogisch klimaat binnen de onderbouw wordt aangepast. Ze vraagt zich af hoe ze die aanpassing moet verwezenlijken. In het gesprek met haar zetten we de volgende vraagstukken op een rijtje:

  • in haar perceptie heeft de teamleider van de onderbouw hierover een andere opvatting dan zij. Ze vraagt zich af of die wel mee wil in haar voorstellen.
  • De pedagogisch-didactische kwaliteit van met name het docententeam onderbouw zou wel eens onvoldoende kunnen zijn om de lessen anders te “managen”. En willen zij het überhaupt wel?
  • Ze heeft geen exact beeld van hoe de directeur en de andere teamleiders erin staan. Wel weet ze dat het hele MT het erover eens is dat het rendement op de havo verder omhoog moet.

Uitwerking in de coaching

Als u deze opsomming leest denkt u wellicht: “Zo, ga er maar aan staan.” Marjon zit blijkbaar vol met aannames, weet op dit moment niet te onderscheiden tussen haar persoonlijk eigenaarschap en dat van anderen en zij zit zeker nog niet in de modus van gedeeld eigenaarschap.

Zo’n vraagstuk behoeft strategische coaching. Een model dat ik in dit soort situaties graag inzet is mijn bewerking van het van Kouwenhoven(1) afgeleide model van de vier communicatiedeuren. Dat is een doeltreffend communicatiemodel dat helpt om feiten, gevoelens, behoeften en acties van elkaar te onderscheiden.

Schema met de communicatiedeuren (naar Kouwenhoven)
De communicatiedeuren (naar Kouwenhoven)

Samen met Marjon heb ik aan de hand van dit model stapsgewijs haar vragen en aannames getoetst. Elke fase krijgt daarbij voldoende ruimte, waardoor het voor Marjon uiteindelijk precies duidelijk is wat haar eigen behoeftes zijn. Vervolgens heb ik Marjon gevraagd om de andere actoren in dit proces in kaart te brengen. Daarna hebben we het model nog eens doorlopen en vooral gefocust op wat de behoeften van de andere actoren zouden kunnen zijn. Eigen behoeften en die van anderen blijken in essentie namelijk veelal overeen te komen. Belangentegenstellingen ontstaan vaak door onenigheid over de manier om aan die behoeften te kunnen voldoen.

Marjon en ik stonden samen voor het bord en al vragen stellend heb ik Marjon door de vier communicatiedeuren geleid, waarbij Marjon en ik samen de vier deuren invullen. Dit helpt Marjon ook om haar eigen valkuilen zichtbaar te maken en eigen gedachten en gedrag te veranderen: het belangrijkste inzicht tijdens deze sessie is volgens Marjon zelf dat ze inziet dat ze anderen wel ruimte moet bieden om eigenaarschap te kunnen nemen.

Het resultaat: na anderhalf uur weet Marjon wat “van haar is” en wat niet, heeft ze zicht op hoe ze met haar collega leidinggevenden in gesprek gaat én hoe ze haar eigen team hierbij gaat betrekken. Een belangrijke stap in haar ontwikkeling als leider en als co-createur van vernieuwing.

Conclusies

Natuurlijk is dit pas een eerste stap. Maar wel een wezenlijke om het thema (gedeeld) eigenaarschap binnen de school vorm te geven. En voor Marjon persoonlijk om haar eigen omgang met leiderschap en eigenaarschap te ervaren.

Herken jij je in de vragen van Marjon? Wil je ook vaart brengen in onderwerpen die je (al lang) zwaar op de maag liggen?

Bel me dan (06-10244429),  mail me of vul het contactformulier op deze website in.

(1): Kouwenhoven, M.: Het handboek strategisch coachen, 1e druk 2007. Uitgeverij Nelissen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *